Wat is weven?

Weven is één van de leuke manieren om textiel te maken. Andere bekende manieren zijn breien, haken, vilten, vlechten,  knopen en kantklossen.

Om te kunnen weven heb je 2 groepen draden nodig, de schering en de inslag. De schering wordt meestal gespannen op een weefgetouw of weefraam. De inslagdraden worden één voor één door de scheringdraden heen geweven. Draad voor draad weef je een lap stof.



3 Basisbindingen

Weefsels zijn te verdelen in 3 soorten structuren, ook wel bindingen genoemd. Alle weefsels zijn hier afgeleiden of combinaties van.

Linnenbinding
Dit is de meest eenvoudige structuur die

je kan weven. De inslagdraad weeft zich over en onder de opeenvolgende scheringdraden door. Iedere volgende inslagdraad gaat juist ónder de scheringdraden door waar hij de vorige keer overheen liep, en vice versa.  Deze twee geweven inslagen worden telkens herhaald. De schering en de inslag grijpen elkaar zo als het ware vast en uit losse draden ontstaat een nieuw geheel, een weefsel.

Wanneer een inslagdraad en een scheringdraad elkaar kruisen, ontstaan er bindpunten. Hoe meer bindpunten, hoe steviger het weefsel. Aangezien in een linnenbinding de draden elkaar het maximale aantal keren kruisen, namelijk iedere keer, geeft dit de sterkste structuur. Als je een linnenbinding op een weefgetouw weeft, heb je 2 schachten nodig.

Keperbinding
Deze structuur heeft een diagonale lijn als basis. Een keperweefsel heeft minder bindpunten dan een

linnenbinding omdat een inslag- of scheringdraad ook altijd over of onder 2 of meer draden i.p.v. alleen maar 1. Dit maakt de stof soepeler dan linnenbinding. De bindpunten schuiven bij iedere inslag telkens 1 plaats op waardoor de schuine lijn ontstaat die zo typisch is voor een keperbinding. Om een keper te weven heb je minimaal 3 schachten nodig.

Satijnbinding
Een satijnbinding, oftewel atlas, heeft voornamelijk scheringdraden of inslagdraden aan de oppervlakte van het weefsel liggen. De draden lopen over of onder minimaal 4 draden. Doordat er weinig bindpunten zijn die ook nog eens zo ver mogelijk van elkaar vandaan liggen, voelt een satijnweefsel glad aan en wordt de glanzende eigenschap van het garen zichtbaar. Vandaar dat bij het gebruik van zijde vaak voor satijnbinding wordt gekozen. Voor een satijnbinding heb je minimaal 5 schachten nodig.

weefatelier YUTKE